Jezus is niet God maar een op God lijkende mens.
Stroming binnen het vroege christendom.
Door het bestuur van de Kerk uiteindelijk als ketterij afgewezen.
En met harde hand bestreden.

 

De naam is afgeleid van Arius (256?-336), de voorman van de denkrichting. De stroming accepteert het dogma van de drie-eenheid niet. Zowel Jezus als de Heilige Geest zijn volgens Arianen scheppingen van God. Jezus is ondergeschikt aan God en de Heilige Geest aan God en Jezus.

In de vierde eeuw veroorzaakt de mening grote onrust onder de gelovigen. Ze krijgt de steun van vele bisschoppen en breidt zich snel uit binnen het rijk. De belangrijkste tegenstander is Athanasius (295?-373). Hij stelt dat Jezus net zo goddelijk is als God zelf. De strijd gaat om de eerste grote christelijke leerstelling en is open: geen mens kan met bewijsbare zekerheid uitspreken wie gelijk heeft.

Tijdens Concilie van Nicea in 325 wordt het Arianisme officieel als ketterij bestempeld. In de geloofsbelijdenis van Nicea wordt benadrukt dat God en zijn zoon ‘van dezelfde substantie’ zijn.

Na ‘Nicea’ blijft de stroming zich uitbreiden. Tijdens het Concilie van Constantinopel in 381 volgt een nieuwe veroordeling. Keizer Theodosius I treedt streng op tegen de ‘ketters’ en rond 400 is het Arianisme zo goed als verdwenen.

In onze tijd wordt nergens melding gemaakt van een herleving van de ‘ketterse’ stroming. Toch zijn er signalen dat steeds meer (ex-) christenen de goddelijke oorsprong van Jezus betwijfelen. Dat betekent niet dat zij van hem afscheid nemen als hun geestelijk leider en inspirator.

Jezus blijft hun grote voorbeeld: ook als mens met menselijke fouten, ook als vermeend huwelijkspartner van Maria Magdalena, ook als vader van hun vermeende kind. Zelfs hebben mensen Jezus misbruikt als bron van intermenselijke haat, nijd en moordpartijen, vooral gericht op andersdenkenden: ongelovigen, afvalligen, moslims, Joden, heidenen, maar ook onderling.

 


Gerelateerde Berichten